Maandag 16-08-1999 15.15 uur

Grand Hotel - Nuwara Eliya

We waren bij zaterdag gebleven. Vanaf de kokosnootdemonstratie gingen we naar een specerijentuin. Daar zagen we weer de inmiddels bekende dingen: nootmuskaat, peper, kaneel, citroengras etc. We kregen ook allerlei zalfjes en geurtjes en kruidenthee om te proberen. En vervolgens kon je in het winkeltje natuurlijk alles kopen wat ze hadden gedemonstreerd. We hebben wat specerijen meegenomen: peper, hot chili powder, curry en nootmuskaat in de dop. Ook hadden ze massageolie en een balsem. Beiden gebruiken is goed tegen spierpijn, rugpijn, reuma etc. En ze hadden groene olie. Die moet helpen tegen migraine. Baat het niet, dan schaadt het niet. Dus maar een flesje meegenomen. Al met al waren we zo’n f 100,- kwijt, vooral omdat de massage- en badolie zo duur waren. De specerijen zijn hier namelijk erg goedkoop.
Om 14.00 uur kwamen we in het hotel. Daar waren ook net alle andere toeristen aangekomen, dus het was een hele drukte. De kamer was weer mooi en met een terrasje met uitzicht op de rivier: Mahaweli Ganga.
Na de lunch gingen we om 16.00 uur naar een edelstenenfabriek. We kregen eerst een video van een kwartier te zien over het delven van edelstenen. Daarna kregen we eerst halfedelstenen en vervolgens de echte edelstenen te zien. Ik kan de namen allemaal niet meer herinneren, maar het was voor het eerst dat ik al dat moois van dichtbij zag. En we mochten ze zelfs in onze handen nemen om ze te bekijken!!!
Vervolgens naar de showroom met mineralen en sieraden. We besloten om eventueel voor een hangertje met een steentje te kijken, iets eenvoudigs. Maar dat konden we niet vinden. Toen stelde de man van de winkel voor dat we wat stenen zouden gaan bekijken. Ze konden er binnen een dag een hangertje van maken. Maar dan moesten we wel zeggen wat we een mooie steen vonden, welke soort. Heel moeilijk, want ik kon ze me niet meer allemaal herinneren. Maar eentje was er wel uitgesprongen: de roze saffier. Uiteraard ook de blauwe saffier, maar dat durfde ik niet te zeggen. Dat is de duurste steen. Dus werden er wat “Pink sapphires” gepakt. Elke steen apart verpakt. Al snel zagen we een mooie kleine steen, mooi geslepen en mooi van kleur. Maar die kostte wel zo’n f 1600,-. Oeps en slik! Even verder kijken. Gele diamanten. Ook heel mooi, maar hoe staat dat in goud dat ook geel is. En het was uiteindelijk net zo duur. Dus maar even naar de halfedelstenen kijken. Een veel betere prijs: zo’n f 400,-. Maar zelfs wij als leken konden duidelijk het verschil tussen een halfedelsteen en een echte zien. Dit leek veel meer nep en dat was niet de bedoeling. Dus dat was geen optie. Omdat we zo lang aarzelden, werd er nog een blauwe saffier van zo’n f 2800,- bij gehaald. Ook heel mooi, maar dat was dus echt geen optie. De prijs van de roze saffier ging omlaag naar f 1400,-. En dan werd er gratis een mooie maar eenvoudige 18-karaats gouden hanger omheen gemaakt. Precies zoals de bedoeling was. Ik vond niet dat ik zoveel geld waard was, alhoewel dit een kans van “once in a lifetime” was. Want in Nederland is deze steen echt niet te betalen. Een roze saffier is dan ook heel zeldzaam en ze vinden bijna nooit grote stenen, alleen maar piepkleintjes. En deze had een mooie kleur, want ook dat telt mee in de prijs. En het gewicht natuurlijk. Henk zei tegen de man dat het een deal was en mijn hart klopte in mijn keel. Ik kreeg er bijna tranen van in mijn ogen en begon te zweten en te trillen. Maar het is een feit: we hebben nu een edelsteen in de familie. Een echte saffier uit het land van de saffieren, een land dat zelf als een saffier in de Indische Oceaan ligt. En het is een unieke steen, want van elke steen is er maar één in de hele wereld. We hebben dan ook een certificaat gekregen. Het gewicht van de steen is 2,74 karaat. De hardheid is 8½. Een diamant, waarmee je glas kunt snijden, heeft een hardheid van 10 en een halfedelsteen zit onder de 6. Ja, je leert er ook nog wat van. Onze gids denkt nu echt dat we rijk zijn. We hebben al uitgelegd dat we altijd hard sparen voor de vakantie en dat het kopen van deze edelsteen zeker niet normaal is, dat het voor ons ook een heleboel geld is.
Boink boink boink, mijn hart gaat nog steeds tekeer bij de gedachte dat ik een saffier heb gekregen van Henk.
Vervolgens gingen we snel naar de “Tempel van de heilige tand”. Hier wordt de linker boven hoektand van Boeddha al honderden jaren bewaard. Daarvoor in de andere hoofdsteden, want de koning moest de tand altijd beschermen.
Vorig jaar maart is de tempel voor een groot deel verwoest door een autobom. Dus de beveiliging is hier weer vrij streng. Bij Henk grijpen ze bij zo’n controle regelmatig in zijn kruis. Volgens ons om te voelen hoe groot die van een buitenlander is.
De tempel wordt nog steeds hersteld. We moesten ons wat haasten omdat we naar een dansvoorstelling moesten. Maar we hebben toch alles gezien. Ook de deur waarachter de tand onder 7 gouden stupa’s ligt. Zondag om 10.15 uur zou die deur opengaan en dan zouden we eigenlijk naar de tempel gaan. Maar het zouden dan enorm druk zijn en dus hadden wij voorgesteld om eerder te gaan, vandaar. De meeste vrouwen hier offeren bloemen die soms worden opgegeten door apen.
Snel naar de dansvoorstelling van de Kandy-dansers om 19.00 uur. Het werd een hele andere voorstelling dan dat we gewend zijn en met veel acrobatische toeren. Op het einde gingen ze nog over hete kolen lopen. Het was veel leuker dan we van tevoren hadden gedacht.
Terug in het hotel hadden we geen zin om ons te haasten, dus gingen we naar het andere restaurant (zonder buffet). Het was daar heel gezellig en we hebben heerlijk gegeten met een lekkere fles wijn erbij.
Zondag om 9.00 uur gingen we op weg naar de Botanische tuinen in Kandy. Aangelegd door de Engelsen en wij vonden het mooier dan de tuinen in Bogor op Java. Ze hebben hier ook een kleine kas met 400 soorten orchideeën. De eerste kans om foto’s te maken van orchideeën. In Thailand was de batterij op en in Bogor waren de kassen gesloten voor publiek. Maar deze keer konden we dus meteen de nieuwe macrolens gebruiken. Ik ben erg benieuwd.
Daarna op weg naar het olifantenweeshuis. De babyolifanten worden 5 keer per dag gevoederd en alle olifanten gaan 2 keer per dag in bad. Eerst gingen we naar de kudde kijken. Je kon heel dichtbij komen en het is heel indrukwekkend om zoveel olifanten bij elkaar te zien en er dan ook nog tussendoor te kunnen lopen. Er is ook een olifant met een stomp en nog maar 3 hele poten. En ook een zwaargewonde olifant die ze weer hebben opgelapt, maar die helaas wel blind is. Ze vangen hier de gewonde olifanten en de kleine olifanten zonder ouders op. Er zijn ook al zo’n 12 olifanten hier geboren in de afgelopen jaren. De laatste was op 06-08-1999 geboren en dus nog maar 9 dagen oud. Hij stond met zijn moeder bij de voerderplaats voor de kleine olifanten apart van de kudde. Het was echt een snoepie. Om 13.15 uur werden 5 babyolifanten gevoederd. Zo’n 6 liter melk per olifantje. En het zit er zo in met een fles met een rubber tuit. Heel leuk om te zien.
Daarna naar het restaurant bij de rivier waar Adjidh een mooie plaats voor ons regelde. Dus toen we ons eten kregen, konden we de olifanten in het water zien gaan. We werden bediend door een Sri Lankaan die zich rot rende en ons deed denken aan Manuel van “Fawlty Towers”. We bleven langer dan de meeste mensen en hebben dus echt zitten genieten van de olifanten. We gingen pas om 15.30 uur weg.
Terug in Kandy gingen we naar een hoger punt met een mooi uitzicht op de Tempel van de heilige tand en een deel van Kandy. Op een heuvel staat een enorm Boeddhabeeld. Daarna naar een Batik werkplaats waar de omstandigheden vele malen beter zijn dan in Indonesië. Daarom was het waarschijnlijk ook veel duurder. Maar we hebben een mooi tafereel met vissersvrouwen gekocht in het blauw. Er zit veel werk in door de strepen om de golven e.d. uit te beelden. Dus we hebben nog een souvenir erbij.
Deze keer waren we eens wat vroeger in het hotel (om 18.00 uur). Er stond een poolbiljart en dat hebben we gespeeld. Het was voor mij de eerste keer, maar gelukkig werd ik geholpen door iemand van het hotel die er verstand van had. Henk won wel, maar ik had nog maar 1 bal op de tafel. Best goed, vond ik. ’s Avonds weer gegeten in dat andere restaurant, want dat was goed bevallen.

Vanmorgen gingen we om 8.30 uur op weg naar Nuwara Eliya. Dat ligt 1800 meter boven de zeespiegel, dus dat zou een aardige klim worden. De eerste 10 kilometer was de weg ontzettend slecht, met heel veel gaten. Dus we reden heel langzaam. Dat gaf ons de tijd om alles goed te bekijken. Soms stopten we om van het uitzicht te genieten en foto’s te maken. Al snel kwamen de theeplantages en dat hield maar niet op. Schitterend. Allemaal groene tapijten. Maar ook de rest van het landschap was ontzettend mooi met hier en daar een waterval. De grootste heet de Tweelingwaterval, omdat het 2 stromen zijn die op elkaar lijken.
We stopten uiteindelijk bij een theeplantage waar we thee en heerlijke chocoladecake kregen. Vervolgens een rondleiding door de fabriek die helaas werd gerenoveerd. Dus er was eigenlijk niets te zien. We kregen alleen de uitleg. Eerst drogen ze de bladeren. Dan worden ze gerold en vervolgens gesneden. Daardoor komen de sappen vrij. Door oxidatie verkleuren de bladeren van groen naar bruin. Vervolgens worden ze nogmaals gedroogd en dan worden ze zwart. De poeder die in onze theezakjes in Nederland zit, is eigenlijk een soort afval. Dus dat vinden ze maar niks. We hebben 6 ons thee gekocht: B.O.P. Dat betekent Broken Orange Pekoe. Broken omdat de bladeren zijn gesneden, Orange omdat dat de kleur van de thee is als je deze hebt gezet en Pekoe van plukken. Kosten: f 5,- voor 6 ons thee! Ik wilde voor ma nog Orange Pekoe kopen, de zogenaamde Earl Grey. Maar die hadden ze niet meer. Kijken of we het ergens anders nog kunnen kopen. Want thee is hier echt heel goedkoop.
Vervolgens reden we door naar Nuwara Eliya (via 12 haarspeldbochten en vele andere bochten). Daar eerst naar de bank en het postkantoor voor geld en postzegels.
En nu zitten we in het Grand Hotel. Een hotel in de stijl van een vroegere Engelse club. Het ziet er echt schitterend uit. We zitten nu in de lounge, want de middag hebben we vrij. Heb ik eindelijk de tijd om dit bij te werken. Morgen gaan we alweer naar de volgende plaats, Hambantota, die aan de kust ligt.
Het is alweer 17.00 uur en ik ga nu eindelijk maar eens kaarten schrijven, anders komen die nooit in Nederland.

Naar boven